Landgoed Wouwse Plantage

In 1504 werd door Jan III van Glymes, heer van Bergen op Zoom, opdracht gegeven om bos aan te planten ten behoeve van de houtproductie. Dit was het begin van de Wouwse Plantage. Feitelijk betrof dit het eerste expliciete productiebos op Nederlandse bodem: het Mastbos volgde in 1516. Behalve voor houtproductie diende het bos ook ter vastlegging van zandverstuivingen en voor de jacht. Baron P.J. de Caters liet in 1845 in het plantagecentrum, op de plaats van de eerdere bescheiden bebouwing, een herenhuis bouwen, dat we nu als het kasteel kennen. De bouw van het herenhuis werd gaandeweg gevolgd door allerlei bijbouw, vaak uitgevoerd in chaletstijl: een jachthuis, de Prinsenhof Driehuizen, het Appelhuisje, een houtzagerij in landschapstijl en enkele monumentale boerderijen met bijgebouwen. In 1871 is een huis voor de boswachter gebouwd. Een wonderlijk gebouwtje is het ‘Sleutelgathuis’, dat een venster bevat met sleutelgatvormige omlijsting.…

In 1504 werd door Jan III van Glymes, heer van Bergen op Zoom, opdracht gegeven om bos aan te planten ten behoeve van de houtproductie. Dit was het begin van de Wouwse Plantage. Feitelijk betrof dit het eerste expliciete productiebos op Nederlandse bodem: het Mastbos volgde in 1516. Behalve voor houtproductie diende het bos ook ter vastlegging van zandverstuivingen en voor de jacht. Baron P.J. de Caters liet in 1845 in het plantagecentrum, op de plaats van de eerdere bescheiden bebouwing, een herenhuis bouwen, dat we nu als het kasteel kennen. De bouw van het herenhuis werd gaandeweg gevolgd door allerlei bijbouw, vaak uitgevoerd in chaletstijl: een jachthuis, de Prinsenhof Driehuizen, het Appelhuisje, een houtzagerij in landschapstijl en enkele monumentale boerderijen met bijgebouwen. In 1871 is een huis voor de boswachter gebouwd. Een wonderlijk gebouwtje is het ‘Sleutelgathuis’, dat een venster bevat met sleutelgatvormige omlijsting.

Omstreeks 1850 – 1855 kwam het beheer in handen van zoon Constatin, die veel voor het dorp Wouwse Plantage heeft betekend. Tenslotte erfden diens zonen Raymond en Edouard het landgoed in 1884.
In 1895 kwam het landgoed in bezit van Paul Emsens, een Belgische industrieel, omdat er slechte tijden aanbraken voor bankiersfamilie de Caters. Hij verkreeg het landgoed voor het bedrag van ruim fl.300.000,- uit openbare verkoop.
Het kasteel was inmiddels niet in al te beste staat van onderhoud en één van de eerste acties van Paul Emsens was verbouwing van het kasteel in 1895 – 1896. Er werd ondermeer een achtkantige toren aangebouwd en de buitenmuren werden gepleisterd (later wit geschilderd). Het is hoe het kasteel er tegenwoordig uitziet.

Het jachthuis van oorsprong een herberg, dateert van omstreeks 1875. Het verhaal gaat dat baron de Caters het gebouw op een expositie in Antwerpen in 1887 heeft gekocht en naar het landgoed heeft laten verplaatsen. Het gebouw deed ten tijde van de baron inderdaad dienst als herberg. De Emsens vond de aanloop van omwonenden alsook bezoekers wel erg oplopen en veranderde de bestemming van het gebouw in jachthuis. Hij liet echter wel het hotel net buiten het dorp Wouwse Plantage in de bocht aan de Plantagebaan bouwen.
Toen Paul Emsens in 1927 overleed, werd het landgoed verdeeld onder zijn drie kinderen. Uiteindelijk werd het ondergebracht in NV Wouwse Plantage, waarvan de kleinkinderen van Paul Emsens aandeelhouder werden.

Prijzen

  • Bezoek voor groepen alleen op afspraak via VVV Roosendaal (T 0165-554400).

    Op de laatste twee woensdagen van juli en de twee eerste woensdagen van augustus zijn er rondleidingen over het landgoed en Brandweermuseum waaraan iedereen kan deelnemen.

Locatie

Om deze webapp aan je beginscherm toe te voegen, tik op het delen-icoon en kies 'Zet op beginscherm'. Om deze webapp aan je startscherm toe te voegen, open het menu en kies 'Toevoegen aan startscherm'.